Algarve

september 2007

Vrijdag 14 september

Na minstens 10 x gecontroleerd te hebben of het vliegtuig geen vertraging heeft, zet Tim ons rond half 6 af op Eindhoven Airport. Volgens het scherm in de vertrekhal, gaat het vliegtuig volgens schema, maar dat is slechts schone schijn.

Bij het inchecken krijgen we al te horen, dat we in plaats van om 19.50 uur te gaan vliegen, we pas om 20.45 uur mogen boarden. Weggaan is geen optie, want als het vliegtuig eerder komt, vetrekken ze meteen, zo wordt ons gezegd. We moeten de schermen zelf in de gaten houden. We maken eerst maar een wandeling in de omgeving, maar van een industrieterrein word je ook niet vrolijk.

Dan gaan we maar even voor de airport op een bankje zitten,we waaien hier bijna weg zeg. Dan verhuizen we naar een bankje op het terras boven, waar je vliegtuigen kunt spotten, heel leuk, maar ons vliegtuig is nergens te spotten. Het volgende bankje is in het restaurant met een kopje koffie. Uiteindelijk gaan we maar door de douane heen, even door de winkel heen om een stuk of 5 tijdschriften te kopen. Als ik dan op mijn klok kijk, zie ik dat we nog 2 uur uit moeten zitten. Eindelijk zie ik het Transvertragia vliegtuig om 20.50 uur landen.

Dan duurt het nog ruim 1 uur voor we vertrekken. Om 00.20 uur Nederlandse tijd landen we dan eindelijk in Faro. Een pluspuntje is dat we als eerste alletwee de koffers krijgen. Volgens de voucher moeten we ons melden bij National. Nou in de vertrekhal zijn legio balies, maar geen National. Ik vraag het bij een willekeurige balie en die verwijst ons naar AutoEurope. Daar wachten we 15 minuten tot we aan de beurt zijn om vervolgens te horen te krijgen dat we bij Guerin moeten zijn. Bij Guerin staan ze buiten in de rij te wachten en we sluiten geduldig achteraan. Na lang wachten rijden we dan eindelijk met de Opel Corsa richting Olhos dÁgua. Lang leve TomTom. Die weet precies waar we heen moeten (denken we). We komen inderdaad na een half uurtje aan in het dorpje. Ik heb netjes het adres van het complex ingetypt, maar er staat alleen nergens een huisnummer, maar als je eenmaal in de straat bent, zal het niet zo moeilijk zijn het juiste complex te vinden.

Maar wel als het adres geen straat betreft, maar de aanduiding van een hele wijk. Tom tom gaat helemaal over de rooie en Ine ook. Hoe moeten we hier in vredesnaam dat complex vinden te midden van 100 andere hotels en woonwijken. Het lijkt allemaal op elkaar en er is geen hond meer op straat midden in de nacht.

Gelukkig zie ik wat mannen in een of ander café in een zijstraat. Ik stap het café midden en vraag in mijn vriendelijkste Engels of iemand ons a.u.b. de weg wil wijzen naar Villa’s dÁgua. In mijn ooghoeken zie ik dat er op een megascherm een pornofilm draait. Mijn hemel waar ben ik nu weer beland. Maar de jongeman wijst netjes de weg en eindelijk zijn we er dan om 2.30 Ned. tijd

De receptie is niet meer open en we ontvangen de sleutel van de security. Het is een prachtig appartement, maar ik heb er op het moment weinig oog voor. Wat een klotereis was dat. Ik wil naar bed, morgen zal alles anders zijn.

Zaterdag 15 September

Morgen zal alles anders zijn…..dat had ik goed gedacht. Om half 8 ben ik alweer wakker. Ton slaapt nog heerlijk en die laat ik maar liggen. Ik ga alles eens even goed bekijken. Een enorme huiskamer van minstens 10 meter lang met in het midden een marmeren trappenhal naar beneden. Een luxe keuken met wasmachine,afwasmachine, magnetron, oven, vriezer, mega koelkast, noem maar op. Een leuk bankstelletje met poef, open haard, een klein balkonnetje aan de woonkamer. Als je de trappenhal afgaat naar beneden kom je in een ruime hal met kofferbank, een strijkkamertje rechts, een slaapkamer links, met aangrenzend aan de slaapkamer een groot terras wat jammer genoeg tussen een paar dikke muren ligt om de privacy te waarborgen, maar het geeft mij een opgesloten gevoel. En beneden is uiteraard ook een badkamer. Het beloofde zeezicht is alleen zichtbaar vanaf het kleine balkon in de woonkamer en dan nog ergens in de verte.

Ik zet koffie, wat ik gelukkig allemaal meegenomen heb en eet een snee ontbijtkoek. Ik ga alsnog inchecken bij de receptie en doe boodschappen. Als ik terugben is Ton ook wakker en maken we een wandeling naar het strand wat bereikbaar is vanaf het complex. We herkennen meteen de foto’s uit de boekjes als we op het strand komen. Her en der verspreid liggen grote rotsblokken, uitgesleten door het zeewater in allerlei bizarre vormen. We moeten wel even wennen aan de hitte zeg. De zon schijnt meedogenloos en er is geen zuchtje wind. Via het dorpje lopen we terug, wat op het eerste gezicht een beetje saai oogt. In het appartement eten we verse broodjes en drinken we een kop Wiener Melange. Daarna houden we siësta, want we zijn allebei doodmoe. Na ons dutje, duiken we de zee in. Hèhè dat frist lekker op zeg!

Het is vloed en erg rustig aan zee t.o.v. vanochtend, we hebben het strand voor ons eigen alleen. Na het zwemmen rijden we naar Albufeira, een toeristenplaats 6 km verderop. Het is wel sfeervol, maar erg druk hoor! En je kijkt je ogen uit, als je ziet wat hier allemaal rondloopt. Iets buiten het centrum vinden we een heel knus rustig gelegen restaurantje, terras in de binnentuin. Echt iets voor ons. Het voorgerecht is lekker, maar het hoofdgerecht , mixed kebab, smaakt voor geen meter.

Dat vlees is niet weg te krijgen zo taai. En de rekening is ook flink gepeperd zeg. Afgelopen zomer in Griekenland waren we bijna standaard 23 euro kwijt voor 2 drankjes, een salade voor ons tweeen en ieder een hoofdgerecht. Hier zijn we 42 euro kwijt.

Na het eten wandelen we nog wat door de smalle kronkelstraatjes met vooral witte huisjes en zeer veel terrasjes, vooral gericht op de Engelse toeristen. Om 10 uur houd ik het voor gezien vandaag, terwijl manlief nog even met een afzakkertje voor de buis blijft hangen.

Zondag 16 september

We worden pas om 8.40 wakker. Meestal ben ik vroeg wakker in de vakantie. Het is grijs buiten maar wel warm. Na het ontbijt rijden we helemaal oostwaarts tot de Spaanse grens. Hier ligt Castro Marim, een rustig dorpje met maar liefst 2 kastelen op enkele tientallen meters uit elkaar. Een van de 2 kunnen we bezichtigen en vanaf de kasteelmuren heb je uitzicht over de zoutpannen. Het volgende stadje is Vila Real de San Antonio, mooi gelegen aan de monding van Rio Guadiana.

Een aangename boulevard met prachtige palmbomen. Een haventje met uitzicht op een aan de overkant gelegen Spaans dorpje. Verder wat winkelstraatjes waar we ook koffie drinken en een lekker Portugees gebakje eten dat we nog kennen uit Lissabon.

In het volgende dorpje, Altura, gaan we naar het strand. De stranden zijn grandioos aan deze kant. Weliswaar zonder de mooie rotswanden, maar verder voldoen ze aan alle eisen voor de strandliefhebber. Zeer breed en fijn wit zand en kilometers lang. Voor ons is het al te heet om het er lang vol te houden. Als ik mag schatten denk ik dat het 32 graden is.

Het laatste plaatsje voor vandaag en het leukste is Tavira. Ook al aan een rivier gelegen, de Rio Gilao. Er is een oude Romeinse brug en een Castelo met een koele binnentuin met uitzicht over het stadje. Op het dorpsplein ligt ook een klein parkje met vele bankjes onder de bomen. Ton houdt een bankje vrij en ik ga in de kiosk een koel drankje kopen. Als ik terugkom, is mijn plaatsje vergeven. 2 oude oma´s hebben mijn plaats ingenomen en ze wijken geen centimeter, zodat wij genoodzaakt zijn een ander bankje te zoeken.

Daarna rijden we terug naar het appartement waar we rond 17.00 uur aankomen. Vanavond eten we in het dorpje en ik moet mijn mening herzien. Het is bij nader inzien toch wel gezellig en er zijn eigenlijk heel wat restaurantjes. We nemen plaats bij Ambrosius en Nectar. Het eten is er heerlijk en het personeel is ook heel wat vriendelijker dan gisteren in Albufeira. We eten alletwee een heerlijke pizza met een verse fruitsalade als toetje. De rekening is heel wat lager dan gisteren, ik denk dat we hier wel vaker heen gaan.

Maandag 17 september

Zoals we gisteren helemaal oostwaarts gingen, gaan we nu westwaarts. Cabo de Sao Vicente is het einddoel. Verder kunnen we trouwens niet want dit is het meest zuidwestelijke puntje van Europa. Het is nog 1,5 uur rijden, zelfs gedeeltelijk over de snelweg.

Cabo de Sao Vicente is een enorme rots die de vorm heeft van de boeg van een schip en zo de oceaan insteekt. De hoge rotswanden gaan loodrecht het diepe water in, wat een imposant gezicht is. Sommige mensen wagen zich op centimeters van de rand omdat ze menen zo een mooiere foto te krijgen. Later hoorden we dat er enkele jaren geleden iemand naar beneden gestort is. Enkele kilometers verder ligt ongeveer zo’n zelfde uitstekende rotswand (bij Sagres) en daar vind ik het eerlijk gezegd nog mooier. De kleuren van de aarde en de zee zijn veel mooier hier.

Hier gebruiken we ook de lunch, versgeperst sinaasappelsap en een sandwich ham-kaas. Is dat niet even gezond? We bezoeken ook een enorme pottenbakkerij, waar je hier bijna je nek over breekt. Nou hebben ze wel prachtig grote potten voor in onze tuin voor spotprijzen. Helaas is dat een beetje moeilijk te vervoeren met het vliegtuig.

Enorme vazen voor 15 euro. Nou ik heb van Kefalonia naar Amsterdam al 3 uur met een schilderij op mijn tenen gezeten, en dat was geen pretje. Het laatste plaatsje voor vandaag wordt Lagos. Een oud ommuurd stadje met een gezellig autovrij centrum.

En ook weer een rivier (de Alvor) die door het stadje stroomt met boulevard. We drinken hier koffie en slenteren wat door het stadje. Rond half 6 zijn we in Olhos. We lopen ´s avonds nog even over het piepkleine boulevardje met het verlichte strand. Ook sfeervol hoor.

Dinsdag 18 september

We beginnen de dag vandaag met een strandwandeling op het mooie Falesia strand. De rotswanden die strand en land scheiden, zijn hier prachtig rood van kleur en nemen af en toe ook erg grillige vormen aan.

Dan een breed zandstrand en het langzaam aflopende zeewater.We wandelen het eerste stuk boven over de rotswanden vanwaar je natuurlijk een schitterend uitzicht hebt in de diepte en de verte. Terug lopen we over het strand met de voeten door het water. Hier komen we nog een keer terug, dat is zeker.

Dan vervolgen we onze route naar Almancil waar we een prachtig kerkje bezoeken, de Sao Laurenco de Matos. Het kerkje is van binnen helemaal bedekt met Azulejos, het bekende Portugese tegelwerk. Je mag hier geen foto’s maken,maar ik weet er toch nog stiekem een te knippen.

Na het kerkje bezoeken we Faro. Eerst slenteren we wat door de winkelstraten met een blik van, is dit nu alles! Maar dan ontdekken we de oude binnenstad en die is toch wel een bezoekje waard hoor. We bezoeken nog een kerk, de Igreja do Carmo, ook weer een en al pracht en praal, bij het kitscherige af. De grootte van die kerkjes valt me een beetje tegen, erg klein allemaal. Achter in de kerk kun je kaartjes kopen voor de Capelo dos Ossos.

Een kapelletje dat heel luguber helemaal bedekt is met beenderen en doodskoppen. Ook weer piepklein, maar zeer apart kun je wel zeggen.. Als laatste willen de tuinen van het paleis in Estoi bezoeken die erg mooi moeten zijn. We rijden 2 maal een rondje Estoi voor we ontdekken dat we de auto ergens moeten parkeren omdat de poort niet bereikbaar is met de auto. Als we voor de poort staan, zien we een groot bord, gesloten tot augustus 2008 wegens renovatie. Dat is jammer dan.

Vanavond eten we een keer in de drukke hoofdstraat. Hier is het ook weer erg lekker. Een salade die goed smaakt en ik probeer toch weer een keer de mixed kebab, terwijl Ton worstelt met een bord sardientjes. Hij is heel wat tijd kwijt om zijn 7 sardines te fileren en er blijft bitter weinig eetbare vis over. We hebben ook de Sangria ontdekt, heerlijk zeg. Dat spul drink je als limonade.

Woensdag 19 september

We rijden vandaag naar Foia, de hoogste berg van de Algarve, 902 meter. Nou lijkt dat misschien niet hoog, dat dacht ik tenminste, maar het valt best mee. We overzien de hele Algarve vanuit de top. Helaas is het niet helder, maar erg heiig zodat er op de foto’s jammer genoeg weinig te zien is. Na Foia rijden we naar Caldes de Monchique, een klein dorpje dat tevens kuuroord is en waar chique Jugendstilhuizen staan. Het is hier heel vredig. Het stadje is autovrij en je hoort alleen de vogeltjes fluiten. Het dorpsplein is een groot terras en aan de rand staat een kokkin het vlees en de vis voor de lunch te barbecuen.

Vanuit dit rustieke dorp rijden we naar Silves, vroeger een bloeiende stad, die belangrijker was als Lissabon en Sevilla.Vooral dankzij de rivier de Arade die vanuit de stad naar de kust stroomt. Alle steil oplopende straatjes komen uit bij het plein dat hoog boven in de stad ligt en waar de kerk staat en het Castelo.

De eerste indruk van het stadje is voor ons niet bepaald positief. Vanaf de auto naar het centrum komen we door een straatje waarvan 50% van de huizen dichtgetimmerd zijn. Gelukkig valt het later toch wel mee, we komen namelijk ook in een mooi opgeknapt gedeelte met prachtige crèmekleurige pandjes en de kerk en het Castelo liggen ook mooi in het midden van het dorp op een heuvel. Daarna gaan we een uurtje naar het appartement om vervolgens nog een strandwandeling te maken op het mooie Falesia strand van gisteren.

De lichtval is nu weer anders omdat de zon nu anders staat. De rotsen zijn hier en daar zelfs dieprood van kleur en dat gecombineerd met de azuurblauwe hemel erboven, geeft een prachtige kleurstelling. ‘s avonds lopen we nog even het dorpje door. Ton hoopt een café te vinden waar PSV uitgezonden wordt.

Helaas zijn ze hier duidelijk op de Engelsen gericht, dus het resultaat is dat we belanden in The Pickwick, een Engelse bar/restaurant waar de wedstrijd van Manchester tegen Portugal uitgezonden wordt met af en toe een tussenstand van PSV. Daar moet hij het mee doen.

Als we na de wedstrijd nog even richting strand lopen, is het er een drukte van belang op het strand. Wat blijkt nu, de plaatselijke vissersboot is binnengekomen en de bemanning is druk bezig de vissen uit de netten te halen en op grootte te sorteren. Sommige vissen liggen naar adem te happen, zielig hoor! Maar ja, that’s life.

Donderdag 20 september

Na bijna 1 week Portugal hebben we de beroemde rotsstranden nog niet eens gezien, dus dat wordt wel eens tijd vandaag op de laatste dag. We beginnen bij Praia do Vau. Daar zetten we de auto neer en trekken de schoenen uit. Door de golfjes lopen we van Vau naar Praia da Rocha en komen uiteindelijk in Portimao uit. Het is inderdaad erg mooi, al die enorme rotsblokken in allerlei vormen die midden op het strand of in zee liggen.

In Portimao gaan we koffiedrinken en lunchen. Na de lunch wandelen we over de rotsen terug naar de auto. Als laatste willen we het vissersplaatsje Carvoeiro bezoeken en Algar Seco.

Tomtom beslist echter anders. Als onze routeplanner zegt dat wij de bestemming bereikt hebben, stappen we uit en lopen het dorpje in. We bemerken na enkele honderden meters gelopen te hebben dat we helemaal niet in Carvoeiro zijn maar in een ander dorp. Het is hier ook erg mooi, dus we blijven maar. Als we terug willen naar de hoofdweg blijkt dat Tomtom echt niet weet waar we zijn en wij zelf ook niet meer. We zitten gevangen in een villawijk. Welke afslag we ook nemen, het loopt telkens dood. Ton begint al wat vloekwoorden uit te stoten, maar bij mij werkt het op mijn lachspieren. Het lijkt wel een doolhof. Uiteindelijk komen we toch in Carvoeiro.

Algar Seco is een rotslabyrint dat je bereikt door een aantal trapjes naar beneden af te dalen. De wind en de golven hebben spelonken, poortgewelven en terrassen uit de kalksteenrotsen gespoeld. Een slimmerik is zelfs op een van de terrassen midden in het grottenstelsel een café-restaurant begonnen. Op het moment dat wij er zijn wordt de voorraad net aangevuld. Wij hebben medelijden met de chauffeur die in de hitte telkens al die trappen op en af moet lopen met kratten vol frisdrank en bier.

Als we om half 5 weer bij het appartement zijn, ga ik lekker douchen en de koffers alvast zover mogelijk inpakken want morgen gaat om 4.45 uur het wekkertje. We moeten om 6 uur alweer bij de luchthaven zijn. We eten bij de Italiaan: Tagliatteli Carbonera en een kan Sangria erbij. Daarna drinken we nog wat op de kleine boulevard. Nog maar even genieten van het buiten zitten ‘s avonds, want het is voorlopig de laatste keer.

We zien de vissers weer binnenkomen met hun dagelijkse vangst. Daarna gaan we alvast uitchecken want de receptie is zo vroeg nog niet open morgen. Het zit er weer op onze najaarsvakantie. We hebben erg veel gezien en heel lekker weer gehad.

Jorge Ferreira – Para Ti Madeira

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *